Paardensport Vlaanderen / Initiatieproef 1 – (I.1) – 20m*40m / 2024
Bewegingen
1 A-K-E-H-C

Binnenkomen in arbeidsdraf op de rechterhand (lichtrijden)

2 M-X-K

Diagonaal van hand veranderen (doorzitten)

3 A-X-A

Cirkel (doorzitten)

4 Tussen

Middenstap

F & B

5 B

Links afwenden

6 E

Rechts afwenden

7 H

Arbeidsdraf (doorzitten)

8 C-X-C

Cirkel (doorzitten)

9 Tussen

Arbeidsgalop rechts aanspringen

C & M

10 B-E-B

Cirkel

11 Tussen

Arbeidsdraf (doorzitten)

F & A

12 K-X-M

Diagonaal van hand veranderen, lichtrijden en daarbij het paard de hals laten strekken

M

Doorzitten

13 Tussen

Arbeidsgalop links aanspringen

C & H

14 E-B-E

Cirkel

15 Voor K

Arbeidsdraf (doorzitten)

16 A

Afwenden (doorzitten)

Tussen A&D

Middenstap

17 X

Halthouden en groeten

Algemeen
1

Houding en zit van de ruiter

(hoofd, schouders, bovenlichaam, heupen, rug, armen, handen, benen, voeten en hielen) Goede controle over het bovenlichaam, elastisch versus stijf, losjes versus onstabiele zit.
2

Effectiviteit van de hulpen

De mogelijkheid van de ruiter om het paard positief te beïnvloeden en het paard correct voor te stellen volgens het scala van de africhting. Focus hoofdzakelijk op de ontspanning, de aanleuning, rechtgerichtheid en evenwicht.
3

Precisie

De mate waarin de oefeningen worden voorbereid, de nauwkeurigheid van de uitvoering van de figuren, de uitvoering op de precieze plaats en het behoud van het correcte tempo.
4

Algemene indruk

Harmonie tussen ruiter en paard Correctheid van de gangen. Het gunstig presenteren van het paard.