Paardensport Vlaanderen / Niveau 3 - proef 1 (N3.1) - 20x60 / 2024
Bewegingen
1 A-X

Binnenkomen in verzamelde draf

X

Halthouden en groeten, daarna voorwaarts in verzamelde draf

2 C

Rechterhand

(C-M-B)

(verzamelde draf)

3 B

Volte (8m)

4 B-F

Schouderbinnenwaarts

5 A

Afwenden

Tussen D&X (tot R) (R-M-C-H)

Appuyeren naar rechts (Verzamelde draf)

6 E

Volte (8m)

7 E-K

Schouderbinnenwaarts

8 A

Afwenden

Tussen D&X (tot S) (S-H-C-M)

Appuyeren naar links (Verzamelde draf)

9 R-X-V

Van hand veranderen in middendraf

V

Verzamelde draf

10

(De overgangen arbeidsdraf-middendraf en middendraf-arbeidsdraf)

11 A

Kurzkehrt links (vanuit stap), daarna middenstap

12 A-K-E

Middenstap

13 E-M

Van hand veranderen in uitgestrekte stap

(E-M-C)

Uitgestrekte stap

14 Vóór C

Middenstap

C

Aanspringen in verzamelde galop links

15 S-V

Middengalop

V

Verzamelde galop

(V-K-A-F)

(Verzamelde galop)

16 P-X-S

Van hand veranderen

Vóór S (S-H-C-M)

Vliegende galopwissel (verzamelde galop)

17 R-F

Uitgestrekte galop

F

Verzamelde galop

18

(overgangen verzamelde galop-uitgestrekte galop en uitgestrekte galop-verzamelde galop)

19 (F-A-K) K-X-M

(verzamelde galop) Van hand veranderen

X

Vliegende galopwissel

20 C

Verzamelde draf

S-X-P P

Van hand veranderen in uitgestrekte draf Verzamelde draf

21

(De overgangen verzamelde draf-uitgestrekte draf en uitgestrekte draf-verzamelde draf)

22 A

Afwenden

X

Halthouden en groeten

Algemeen
1

Houding en zit van de ruiter

(hoofd, schouders, bovenlichaam, heupen, rug, armen, handen, benen, voeten en hielen) Goede controle over het bovenlichaam, elastisch versus stijf, losjes versus onstabiele zit.
2

Effectiviteit van de hulpen

De mogelijkheid van de ruiter om het paard positief te beïnvloeden en het paard correct voor te stellen volgens het scala van de africhting. Focus hoofdzakelijk op de ontspanning, de aanleuning, rechtgerichtheid en evenwicht.
3

Precisie

De mate waarin de oefeningen worden voorbereid, de nauwkeurigheid van de uitvoering van de figuren, de uitvoering op de precieze plaats en het behoud van het correcte tempo.
4

Algemene indruk

Harmonie tussen ruiter en paard Correctheid van de gangen. Het gunstig presenteren van het paard.